vrijdag 28 september 2012

Het wonder van verzoening en een 'schoon sacrament'


Het was prachtig weer, ideaal om wat onkruid uit te trekken in de tuin en plots telefoon: “Raf, kan je naar het psychiatrisch centrum komen in Beernem voor een man die het sacrament van de zieken wil ontvangen?” En ik meteen richting Beernem.

Ik wilde mijn wagen aan de afdeling parkeren maar pastoraal werker Peter deed teken dat ik wat verder moest rijden. Waarom zou dat nu zijn? Aan de tafeltjes buiten zaten er een tiental mensen koffie te drinken. Hun vader lag dus alleen in zijn kamer én terminaal. Peter deed zelf de deur van mijn wagen open en zei stilletjes: ”Raf, we staan hier voor een heel moeilijk moment want niemand van de kinderen wil naar vader toegaan. Ik heb hen opgebeld en ze zijn gekomen maar ze hebben hem, na alles wat er gebeurde, in dertig jaar niet meer gezien.”

Ik werd aan de familie voorgesteld en gaf iedereen de hand. Alsof ik van niets wist nodigde ik hen daarna vriendelijk uit om mee te gaan en iedereen deed het. De sfeer was te snijden en ik voelde aan dat ik hier met mijn officiële teksten niet ver zou geraken. Maar wat dan wel?

“Kom, Heilige Geest” bad ik, want ik wist echt niet wat ons hier nog allemaal te wachten stond. Ik heb toen gepoogd om hen allereerst duidelijk te maken dat dit samenzijn voor ieder van hen wel een echt moeilijk moment was. En omdat hun vader uitdrukkelijk gevraagd had om dit sacrament, was het ook duidelijk dat hij spijt had over wat er gebeurd was en dat hij zich met zijn kinderen én God wilde verzoenen.

Toen stelde ik hen voor om een ogenblik stilte te houden zodat zij, die het op dit moment konden, met een gebaar of een woord, naar vader zouden toe gaan om hem te zeggen of te tonen dat ook zij hem wilden vergeven. Ik heb me toen maar met mijn gezicht naar de tuin gedraaid om iedereen 100% vrij te laten. Achter mijn rug hoorde ik heel wat beweging en stille woorden die werden gesproken. Wat ik voelde was dat de spanning die voorheen in de kamer hing heel sterk gedaald was.

Nu kon ik de man in alle rust zalven. Nadat we samen op het einde nog een Wees Gegroet gebeden hadden, was ik de enige die naar buiten ging. De kinderen bleven nu wèl bij vader. Alleen één van de schoonzonen, zo ’n echte kleerkast, ging met me mee en zei in de gang: “Menère, da was schoon hé!” - “Absoluut!” bevestigde ik.

Het wandelingetje naar mijn auto was dan ook één dankgebed: “Dank U, Heilige Geest, om wat hier in de harten van velen mocht gebeuren.” Enkele uren later stierf hun vader, nog steeds omringd door àl zijn kinderen.

(uit MSC-Kring, sept 2012)
Raf Ingels MSC, Rozendalestraat 127, 8750 Wingene